exogamie
Uiterlijk
- exo·ga·mie
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | exogamie | - |
| verkleinwoord | - | - |
de exogamie v
- (maatschappij) gewoonte om buiten de stam te huwen, of: de gewoonte of regel, binnen een cultuur of maatschappij, om te trouwen met iemand van buiten de eigen groep (gezin, familie, clan)
- Deze huwelijksstelsels vinden wij dan ook vrij geregeld gepaard gaan met een verbod om in den eigen stam te trouwen: men spreekt dan van exogamie.[3]
- Het woord exogamie staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "exogamie" herkend door:
| 45 % | van de Nederlanders; |
| 57 % | van de Vlamingen.[4] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ exogamie op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ Tijdschrift van het Nederlandsch Aardrijkskundig Genootschap, 1930, p. 218
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Voorvoegsel exo- in het Nederlands
- Achtervoegsel -gamie in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Maatschappij in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 45 %
- Prevalentie Vlaanderen 57 %