evenzeer

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • even·zeer
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

evenzeer [1]

  1. in dezelfde mate
    • Dat probleem heb je niet alleen in Nederland, maar het speelt evenzeer in België. 
    • De kinderen genieten, de ouders evenzeer. 
Synoniemen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandse taal