eventjes

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • even·tjes
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

eventjes [2]

  1. in weinig tijd of met weinig inspanning
    - Ik heb eventjes het raam opengezet.
    - Nederlands leren doe je niet zomaar er eventjes tussendoor.
  2. amper
    Zij was eventjes 18 jaar oud.
Synoniemen
Antoniemen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal