epileptisch
Uiterlijk
- Geluid: epileptisch (hulp, bestand)
- IPA: / epi'lɛptis / (4 lettergrepen)
- epi·lep·tisch
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | epileptisch | epileptischer | |
| verbogen | epileptische | epileptischere | |
| partitief | epileptisch | epileptischers | - |
epileptisch [1]
- behorend tot epilepsie
- Het woord epileptisch staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "epileptisch" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 97 % | van de Vlamingen.[2] |
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -isch in het Nederlands
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 97 %