entkommen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Duits

Uitspraak
  • IPA: /ɛnt'kɔmən/
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
entkommen
/ɛnt'kɔmən/
entkam
/ɛnt'kaːm/
entkommen
/ɛnt'kɔmən/
volledig

Werkwoord

entkommen

  1. ontsnappen