engelbewaarder
Uiterlijk
- Geluid: engelbewaarder (hulp, bestand)
- IPA: / 'ɛŋəlbəwardər / (5 lettergrepen)
- en·gel·be·waar·der
- samenstelling van engel en bewaarder
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | engelbewaarder | engelbewaarders |
| verkleinwoord | engelbewaardertje | engelbewaardertjes |
de engelbewaarder m
- een beschermer in de vorm van een hemels wezen, bewaarengel, beschermengel, wachtengel
- Hij moet wel een heel goede engelbewaarder hebben gehad toen hij ongedeerd uit de geheel verkreukelde auto gehaald werd.
- Het woord engelbewaarder staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.