energiebeleid

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ener·gie·be·leid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord energiebeleid
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

energiebeleid o

  1. plannen die de overheid of andere organisatie maakt op het gebied van energieproductie en energieverbruik
    • Het was voor het eerst dat Trump details gaf van het energiebeleid dat hij hoopt te voeren. Eerder op donderdag werd bekend dat hij genoeg gedelegeerden had binnengehaald om op de Republikeinse partijconventie officieel te worden genomineerd als presidentskandidaat van die partij. [1] 
    • Nederland zet de komende jaren vol in op windenergie. Voor 2023 moeten er op zee en land enkele duizenden turbines worden gebouwd om de doelstellingen uit het Energieakkoord te halen. De verwachting is dat windenergie ook daarna een grote rol zal spelen in het energiebeleid. [2] 
    • Het IEA, dat veel westerse landen adviseert over hun energiebeleid, denkt wel dat in de loop van de eerste jaarhelft tekorten kunnen ontstaan als alle OPEC-landen zich aan de afspraken blijven houden. Maar dat betekent nog niet dat alle oude voorraden snel kunnen worden weggewerkt. De denktank wijst er daarbij op dat de productie in de maanden voorafgaand aan de OPEC-deal juist sterk was toegenomen. Veel van die olie zit nog in opslagtanks. [3] 

Gangbaarheid


Verwijzingen