elfje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • elf·je
enkelvoud meervoud
naamwoord - -
verkleinwoord elfje elfjes

Zelfstandig naamwoord

elfje o dim. tant.

  1. (vogels) een familie van zangvogels (Maluridae) uit het Australische continent met 28 soorten
    • Een elfje kiest een vaste metgezel voor het leven, maar heeft wel avontuurtjes. 
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

elfje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord elf

Meer informatie