eiser

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ei·ser
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord eiser eisers
verkleinwoord eisertje eisertjes

Zelfstandig naamwoord

eiser m

  1. de naam die in het burgerlijk procesrecht aan een procespartij wordt gegeven, die een civiele procedure begint
    • De eiser eiste dat zijn buurman de overhangende takken van zijn boom zou verwijderen. De aangeklaagde buurman vond dit een onredelijke eis. 
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
94 % van de Vlamingen.

Meer informatie