eindelijk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

eindelijk vrij na de lange oorlog
Uitspraak
Woordafbreking
  • ein·de·lijk
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

eindelijk [2]

  1. na een (te) lange tijd
    • De onthulling van de foto is voor Falcke een grote opluchting. ‘We hebben hier 25 jaar op gewacht. En toen ik eindelijk wist wat eruit kwam, mocht ik er niet over praten. Nu is het openbaar en is deze foto niet meer van ons alleen, maar van iedereen’, laat hij aan de telefoon weten. [3] 
     Haar juwelen rinkelden terwijl ze haar zachte, warme armen spreidde voor een langverwachte omhelzing die noodlot was en bestemming, en heel even giechelde ze omdat alles eindelijk logisch was.[4]
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen