egden
Uiterlijk
- eg·den
| vervoeging van |
|---|
| eggen |
egden
- meervoud verleden tijd van eggen
- Wij egden.
- Jullie egden.
- Zij egden.
- Wij egden.
- Het woord egden staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
| vervoeging van |
|---|
| eggen |
egden