eert

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • eert

Werkwoord

vervoeging van
eren

eert

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van eren
    • Jij eert. 
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van eren
    • Hij eert. 
  3. (verouderd) gebiedende wijs meervoud van eren
    • Eert! 
Anagrammen