eendenlever

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

1. Een risotto met daarop twee gebakken eendenlevers.
Uitspraak
Woordafbreking
  • een·den·le·ver
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord eendenlever eendenlevers
verkleinwoord eendenlevertje eendenlevertjes

Zelfstandig naamwoord

eendenlever v / m

  1. (vogels), (anatomie), (voeding) orgaan dat een grote rol speelt in de stofwisseling van een watervogel uit de familie eendachtigen Anatidae op Wikispecies, na het slachten vaak gegeten als delicatesse
    • Een recept met eendenlever. 
     We hebben hier een enorm ruime wijnkaart en zes chefs die menu’s samenstellen met kreeft of eendenlever of ossenhaas.[1]
     Over oscillococcinum bestaan hilarische verhalen van kwakzalverbestrijders. Het komt er op neer dat het een homeopathisch middel is, gemaakt van eendenlever en -hart.[2]
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 14 september 2021 Weblink bron Arjen Schreuder “De gasten snuiven nu zeelucht in plaats van rooklucht” (30 juli 2019) op nrc.nl
  2. Bronlink geraadpleegd op 14 september 2021 Weblink bron Wim Köhler “Nee, antibiotica en vitaminen helpen niet als je griep hebt” (13 maart 2018) op nrc.nl