eclatant
Uiterlijk
- ecla·tant
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | eclatant | eclatanter | eclatantst |
| verbogen | eclatante | eclatantere | eclatantste |
| partitief | eclatants | eclatanters | - |
eclatant [3]
- duidelijk in het oog springend, niet over het hoofd te zien
- ▸ En vanavond zou ze haar baljurk aantrekken om hand in hand met mij avonturen tegemoet te ruisen op pleinen, in stegen en langs zwarte grachten, en ravissant een eclatant verhaal toe te voegen aan de galmende historie die deze stad aan de lippen stond als wassend water.[6]
- Het woord eclatant staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "eclatant" herkend door:
| 67 % | van de Nederlanders; |
| 70 % | van de Vlamingen.[7] |
- ↑ eclatant op website: Etymologiebank.nl
- ↑ "eclatant" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ NRC Steven Verseput 5 april 2017
- ↑ Volkskrant Gijsbert Kamer 10 april 2017
- ↑ “Grand Hotel Europa” (2018), De Arbeiderspers
, ISBN 978-90-295-2622-7, p. 22 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- WikiWoordenboek:Pagina's die ISBN magische koppelingen gebruiken
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 67 %
- Prevalentie Vlaanderen 70 %