duivin

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dui·vin
enkelvoud meervoud
naamwoord duivin duivinnen
verkleinwoord duivinnetje duivinnetjes

Zelfstandig naamwoord

duivin v

  1. (vogels) een duif waarvan het vrouwelijke geslacht benadrukt wordt
    • Nee, dat is geen doffer, maar een duivin. 
Opmerkingen
  • De toevoeging van de uitgang -in is een pleonasme omdat het woord "duif" eigenlijk het vrouwtje van de vogelsoort al aanduidt.
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Meer informatie

Meer informatie

Gangbaarheid

35 % van de Nederlanders
54 % van de Vlamingen.