drugsbende

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • drugs·ben·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord drugsbende drugsbenden
drugsbendes
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

drugsbende v/m

  1. criminele organisatie die zorgt voor de illegale handel in verboden verdovende middelen
     Het pand aan de Vlierstraat, dat dienst deed als ‘werkhuis’ omdat er bestellingen werden klaargemaakt voor verzending, was cruciaal in de activiteiten van een georganiseerde drugsbende.[1]
     Deze Idris en Abas worden door politie en Justitie gezien als leiders van een drugsbende die zeer actief was in de Zwolse regio.[2]
Synoniemen

Gangbaarheid


Verwijzingen

  1. Bronlink Weblink bron Bjorn Weinreder “Jarenlange celstraf geëist tegen Enschedeër (25) voor drugshandel en voorbereiden liquidaties” (05-03-2020), Tubantia
  2. Bronlink Weblink bron Caspar van Oirschot “Verdachte schietpartij Zwolle Jaemy P. (33) blijft in cel tot aan zitting” (08-04-2020), Tubantia