droedelen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • droe·de·len
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

droedelen

stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
droedelen
droedelde
gedroedeld
zwak -d volledig
  1. schetsen of tekenen zonder duidelijk doel, door iemand wiens gedachtes elders zijn
    • Rama (1964), opgeleid als schilder, heeft gelukkig wel meer gedaan dan droedelen. Toen hij in 2000 burgemeester werd van Tirana, de hoofdstad van Albanië, liet hij de huizen in de door decennia van communisme en corruptie totaal vervallen stad in geometrische banen felle kleuren schilderen. Er was veel kritiek op het project – Rama had zich beter kunnen bezighouden met de gebrekkige elektriciteits- en watervoorziening. Maar volgens Rama leidden de kleurige gevels juist een renaissance van de hoofdstad in. Mensen begonnen weer om hun stad te geven. [2] 

Gangbaarheid

42 % van de Nederlanders;
73 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen