drieledig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

drielelig raam boven de deur
Uitspraak
Woordafbreking
  • drie·le·dig
Woordherkomst en -opbouw
  • samenstelling van drie en deel met het achtervoegsel -ig
stellend
onverbogen drieledig
verbogen drieledige
partitief drieledigs

Bijvoeglijk naamwoord

drieledig [1]

  1. uit drie onderdelen bestaand
    - In de media wordt de misdaad vrijwel altijd opgelost. Daders en slachtoffers zijn overwegend volwassenen die een hogere sociale status hebben dan de gevangenispopulatie in de westerse wereld (zwart, jong, (drugs)gerateerde misdaad). Denk maar eens aan de honderden Tatort-uitzendingen en de gemiddelde dader en slachtoffer. Of de Agatha Christie boeken die zich afspelen in de upper class. De mythes in onze massacultuur over misdaad, straf en politie zijn drieledig. Het gaat in 60% over high impact crimes (moord en doodslag, extreem geweld, enorme schade). In werkelijkheid is veel misdaad meer routinematig en meer ordinair. Boeven zijn calculerend – zo is het beeld - en niet de impulsieve, in de war zijnde zoekende mensen die worstelen met het leven. Zoals de doorsnee vrouwen- en kindermishandelaar waarvan er in ons land honderdduizenden zijn. Of de duizenden burgers die een graantje meepikken in de informele drugseconomie van de Brabantse steden. En de politie grijpt de boef. Feitelijk schommelen oplossingspercentages – afhankelijk van de delicten - tussen de 10 en 20%.[2]
    - Al drie weken een fitnessabonnement en nog niet één keer gegaan. Het is niet de eerste keer dat het me overkomt. Herstel: dat ik dat doe. Zoiets overkomt een mens natuurlijk niet, natuurlijk, daar heeft hij een hand in. Weet ik ook wel. De redenen van de hernieuwde poging zijn drieledig. De eerste is pijn. Pijntjes. Met name mijn rug en nek zeuren en zeiken dat ik te weinig beweeg en dat wanneer ik dat wél doe, dat ik dan de foute spieren gebruik, omdat de goede te slap zijn. Dat gebrek aan goede spieren leer je te onderkennen wanneer je met een laptop om je nek en een kind op de arm je over een fiets buigt om het sleuteltje in het slot te krijgen.[3]
Synoniemen
Vertalingen


Verwijzingen
  1. Woordenboek der Nederlandse taal
  2. NRC Bob Hoogenboom 19 april 2017
  3. Volkskrant Thomas van Luyn 4 oktober 2014