driehoofdig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • drie·hoof·dig

Niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.

Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen driehoofdig
verbogen driehoofdige
partitief driehoofdigs


Bijvoeglijk naamwoord

driehoofdig

  1. met drie hoofden
    • Het mytische monster was een driehoofdige draak. 
  2. met drie personen aan de leiding
  3. met drie leden
    • De driehoofdige commissie kan altijd bij meerderheid beslissen. 

Gangbaarheid