drejje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Limburgs

Uitspraak
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
drejje
drejdje, drooj
gedrejdj, gedraoje
klasse 5 volledig
  • IPA: /ðr̩æjɐ/ (Etsbergs)

Werkwoord

drejje

  1. draaien