draaiing

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Het onkruid bij het kunstwerk Draaiing van Paul de Regt oogde helemaal niet netjes.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • draai·ing
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord draaiing draaiingen
verkleinwoord draaiinkje draaiinkjes

Zelfstandig naamwoord

draaiing v [1]

  1. het draaien of gedraaid zitten
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen