draaideur

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • draai·deur
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord draaideur draaideuren
verkleinwoord draaideurtje draaideurtjes

Zelfstandig naamwoord

draaideur v/m

  1. constructie van drie of vier deurbladen die rondom een gezamenlijke verticale as kunnen draaien, ter vervanging van een gewone deur m.n. gebruikt in winkels, ziekenhuizen enz
    • De draaideur is zowel links- als rechtdraaiend te plaatsen. 
  2. (figuurlijk) ergens meermaals in- en uitgaan.
Hyperoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie