draagberrie

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • draag·ber·rie
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord draagberrie draagberries
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

draagberrie v/m

  1. een primitief bedje met overlangse handvaten om een gewonde te kunnen dragen (tot aan de ziekenwagen b.v.)
    • De voetballer kreeg een harde trap op het scheenbeen en werd op een draagberrie afgevoerd. 
Hyperoniemen
Synoniemen

Gangbaarheid

25 % van de Nederlanders;
91 % van de Vlamingen.