douceurtje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dou·ceur·tje

Zelfstandig naamwoord

douceurtje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord douceur

Gangbaarheid

65 % van de Nederlanders;
47 % van de Vlamingen.