doorstaan

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • door·staan
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
doorstaan
doorstond
doorstaan
klasse 6 volledig

Werkwoord

doorstaan

  1. (overgankelijk) ondanks moeilijkheden er nog goed voorstaan
    Hij heeft de test doorstaan.
  2. (overgankelijk) overleven.
    Hij heeft twee oorlogen doorstaan.
Vertalingen
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van doorstaan: de stam met de uitgang -en, zonder ge- vanwege voorvoegsel (is gelijk aan de onbepaalde wijs)

Werkwoord

vervoeging van
doorstaan

doorstaan

  1. voltooid deelwoord van doorstaan

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl