Naar inhoud springen

donderbui

Uit WikiWoordenboek
donderbui
  • don·der·bui
enkelvoud meervoud
naamwoord donderbui donderbuien
verkleinwoord

de donderbui v / m

  1. (meteorologie) keer dat het onweert
    ▸ Duivendrama dreigt door donderbui: duizenden dieren dwalen af: Na een internationale duivenwedstrijd in de Zuid-Franse stad Narbonne afgelopen vrijdag zijn 20.000 duiven zoek. Waarschijnlijk zijn ze gedesoriënteerd geraakt door een onweersbui. Duivenmelkers vrezen een grote strop. In de branche gaan miljoenen om.[2]
    ▸ Dat gaat gepaard met aangename temperaturen van rond de 21 graden tot maximaal 25 in het zuidoosten, meldt het KNMI. Zonlicht en schaduwen van stapelwolken wisselen elkaar hierbij af, met enkele buien tussendoor. Soms mogelijk met onweer, is te zien op de Onweerradar van Weerplaza. Vooral het noordwesten en de provincie Groningen mogen zich opmaken voor donderbuien.[3]
  2. (figuurlijk) stortvloed van boze en bestraffende woorden
  1. ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. ↑ Bronlink geraadpleegd op 17 september 2023 Weblink bron “Duivendrama dreigt door donderbui: duizenden dieren dwalen af” (Maandag 1 augustus 2022, 21:37), NOS
  3. ↑ Bronlink geraadpleegd op 17 september 2023 Weblink bron “Buiig weekend met aangename temperaturen voor de boeg” (22-08-2020), Tubantia