domkerken

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dom·ker·ken

Zelfstandig naamwoord

domkerken mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord dom
  2. meervoud van het zelfstandig naamwoord domkerk
Synoniemen
Verwante begrippen