Naar inhoud springen

domkerk

Uit WikiWoordenboek
  • dom·kerk
enkelvoud meervoud
naamwoord domkerk domkerken
verkleinwoord domkerkje domkerkjes

de domkerk v / m

  1. (bouwkunde) (religie) een kerk waarin een bisschop zetelt
    • Hij is bij de domkerk wezen kijken. 
  • Dit woord wordt doorgaans alleen voor bepaalde kerkgebouwen gebruikt waarbij deze benaming historisch is komen vast te liggen.
   1. zie: kathedraal   
76 %van de Nederlanders;
46 %van de Vlamingen.[1]
  1. ↑ Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be