domatium
Uiterlijk

- do·ma·ti·um
- Leenwoord uit het Latijn.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | domatium | domatia |
| verkleinwoord | domatiumpje | domatiumpjes |
het domatium o
- (beschrijvende plantkunde) een hol orgaan waarin een plant aan andere organismes, zoals mieren, roofmijten, schimmels mutualistische gastvrijheid biedt
- Roofmijten blijken een enorme voorkeur te hebben om hun eieren af te zetten in domatia [1]
- Het woord 'domatium' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| domatium | domatiums, domatia |
domatium
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Beschrijvende plantkunde in het Nederlands
- Niet in Woordenlijst Nederlandse Taal
- Woorden in het Engels
- Woorden in het Engels van lengte 8
- Zelfstandig naamwoord in het Engels
- Beschrijvende plantkunde in het Engels