divergerend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • di·ver·ge·rend

Werkwoord

vervoeging van: divergeren
verbogen vorm: divergerende

divergerend

  1. onvoltooid deelwoord van divergeren

Gangbaarheid

86 % van de Nederlanders;
89 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be