distancia

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • dis·tan·cia
enkelvoud meervoud
distancia distancias

Zelfstandig naamwoord

distancia v

  1. afstand

Werkwoord

vervoeging van
distanciar

distancia

  1. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van distanciar
  2. gebiedende wijs (bevestigend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van distanciar