dissociëren
Uiterlijk
- Geluid: dissociëren (hulp, bestand)
- IPA: / ˌdɪsoˈʃerə(n) / (4 lettergrepen)
- dis·so·cië·ren, dis·so·ci·eren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| dissociëren |
dissocieerde |
gedissocieerd |
| zwak -d | volledig | |
dissociëren
- ergatief in kleinere delen uiteenvallen
- Bij oplossing in water dissociëren zwakke zuren maar gedeeltelijk.
- Het woord dissociëren staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -eren in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-d) in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Niet-samengesteld werkwoord in het Nederlands
- Ergatief werkwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal