diode

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • di·o·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord diode dioden, diodes
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

diode v

  1. (elektrotechniek), (elektronica) elektronenbuis of halfgeleider die de elektriciteit maar in één richting geleidt
Hyponiemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl