dijktafel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dijk·ta·fel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dijktafel dijktafels
verkleinwoord -

Zelfstandig naamwoord

dijktafel m

  1. (waterbeheer) register waarin de minimaal vereiste hoogte en afmeting van een dijk is vastgelegd
     De nieuwe wettelijke normen voor de veiligheid van de dijken, duinen en kades maken het noodzakelijk dat de minimale hoogte van de waterkeringen, zoals die in de legger is aangegeven, herzien wordt. Deze hoogte wordt de dijktafel genoemd.... Het dagelijks bestuur heeft met de uitgangspunten hiervoor ingestemd, zodat de nieuwe dijktafelhoogtes per dijk kunnen worden berekend en vastgelegd.[1]
Synoniemen

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 12-12-2021 Weblink bron Dagelijks bestuur Waterschap Hollandse Delta “Collegebesluiten 7 april” (07-04-2020)