dijbeenblessure

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen



Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dij·been·bles·su·re
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dijbeenblessure dijbeenblessures
dijbeenblessuren
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

dijbeenblessure v

  1. (medisch) verwonding, beschadiging of kwetsuur aan de achterzijde van het bovenbeen
    • Kerber (28) heeft na haar indrukwekkende triomf bij het Australian Open eind vorige maand in Melbourne niet veel meer gepresteerd. De nummer twee van de wereldranglijst verloor een partij in de Fed Cup tegen het zegevierende Zwitserland en meldde zich daarna wegens een dijbeenblessure af voor het toernooi in Dubai. [1] 
    • De Amerikaanse ploeg startte verrassend zonder Megan Rapinoe. De veelbesproken aanvalster, die president Donald Trump tergde met enkele uitspraken, was in de kwartfinales met twee goals tegen Frankrijk (2-1) nog de grote uitblinker. Ze had in Lyon naar verluidt last van een dijbeenblessure. [2] 
Verwante begrippen


Gangbaarheid


Verwijzingen