diamanten

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • di·a·man·ten
stellend
onverbogen (alleen
attributief)
verbogen

Bijvoeglijk naamwoord

diamanten

  1. uit diamanten samengesteld

Zelfstandig naamwoord

diamanten mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord diamant

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie