diabetes

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • di·a·be·tes
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord diabetes -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

diabetes m

  1. (medisch) Meestal gebruikt voor diabetes mellitus: een stofwisselingsziekte waarbij het lichaam geen of te weinig insuline produceert en de patiënt dus zelf de hoeveelheid glucose in zijn/haar bloed moet controleren oftewel regelen
  2. (medisch) diabetes insipidus: een aandoening waarbij door een tekort van of ongevoeligheid voor het antidiuretisch hormoon een te grote urineproductie ontstaat.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Hyponiemen
Vertalingen

Meer informatie

  • Zie de doorverwijspagina op Wikipedia voor meer informatie.
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl


Engels

enkelvoud meervoud
diabetes -

Zelfstandig naamwoord

diabetes

  1. diabetes


Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • dia·be·tes
enkelvoud meervoud
diabetes diabetes

Zelfstandig naamwoord

diabetes v

  1. (medisch) suikerziekte
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl