deviatie
Uiterlijk
- de·vi·a·tie
- Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘afwijking’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1669 [1]
- Naamwoord van handeling van deviëren met het achtervoegsel -atie
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | deviatie | deviaties |
| verkleinwoord | - | - |
de deviatie v
- afwijking (in een bepaalde richting)
- Het woord deviatie staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "deviatie" herkend door:
| 83 % | van de Nederlanders; |
| 88 % | van de Vlamingen.[2] |
- ↑ "deviatie" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be