detective

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • de·tec·ti·ve (of:  de·tec·tive  bij meer oorspronkelijke uitspraak)
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord detective detectives
verkleinwoord detectiefje,
detectivetje
(detectiveje)
detectiefjes,
detectivetjes
(detectivejes)

Zelfstandig naamwoord

detective m

  1. (beroep) (oorspronkelijke betekenis) iemand bij de politie die misdaden door speurwerk opheldert
    De detective arresteerde de moordenaar na twee jaar onderzoek.
  2. (beroep) (algemeen) speurder die tracht misdaden op te lossen of bewijsmateriaal te verzamelen
    Het vrouw huurde een detective in om de ontrouw van haar man te bewijzen.
  3. boek of programma over mensen die trachten misdaden op te lossen
    Hij zat een detective te lezen.
Opmerkingen
  • De klank was oorspronkelijk Engels, hierboven steeds tussen haakjes vermeld. De Woordenlijst gaat uit van de nu meer gangbare Franse klank. Voor betekenis 3. is de Engelse uitspraak gangbaarder.
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal
Vertalingen

Meer informatie


Engels

Uitspraak
  • IPA: /dɪˈtɛktɪv/
enkelvoud meervoud
detective detectives

Zelfstandig naamwoord

detective

  1. (beroep) (oorspronkelijke betekenis) iemand bij de politie die misdaden door speurwerk opheldert
  2. (beroep) (algemeen) speurder die tracht misdaden op te lossen of bewijsmateriaal te verzamelen
Overerving en ontlening