desinteresse

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • des·in·te·res·se
enkelvoud meervoud
naamwoord desinteresse
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

desinteresse v

  1. onverschilligheid
    • Hij keek met volledige desinteresse naar het curlen want hij begreep er helemaal niets van. 
     'Pieter schrok zich dood toen ik hem vertelde dat ik zijn e-mail had gelezen,' ging Heleen op een toon verder waaruit eerder desinteresse dan passie klonk.[1]
Synoniemen
  1. lethargie, saaiheid, verveling

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
91 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Suzanne Vermeer op WikipediaAll-inclusive” op Wikipedia (2006), A. W. Bruna Uitgevers B. V. , Utrecht, ISBN 90-229-9182-2
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be