desaprovechara
Uiterlijk
| vervoeging van |
|---|
| desaprovechar |
desaprovechara
- eerste persoon enkelvoud verleden tijd (pretérito imperfecto) van desaprovechar (modo subjuntivo/aanvoegende wijs)
- derde persoon enkelvoud verleden tijd (pretérito imperfecto) van desaprovechar (modo subjuntivo/aanvoegende wijs)