desaprenda
Uiterlijk
| vervoeging van |
|---|
| desaprender |
desaprenda
- aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van desaprender
- aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van desaprender
- gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van desaprender