derribar

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • de·rri·bar
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
derribar
derribaba
derribado
volledig

Werkwoord

derribar

  1. overgankelijk afbreken, slopen,omtrekken, vellen, omgooien
  2. neerschieten
    «derribar un avión»
    een vliegtuig neerhalen
  3. omverwerpen (van regering)
Synoniemen