depart
Uiterlijk
- UK /dɪˈpɑːt/
- VS /dɪˈpɑɹt/
- Audio (US) (hulp, bestand)
| vervoeging | |
|---|---|
| onbepaalde wijs | to depart |
| he/she/it | departs |
| verleden tijd | departed |
| voltooid deelwoord |
departed |
| onvoltooid deelwoord |
departing |
| gebiedende wijs | depart |
depart
- onovergankelijk vertrekken, afreizen
- «They departed two days later.»
- Twee dagen later vertrokken ze.
- «They departed two days later.»
- onovergankelijk, (eufemisme) overlijden, sterven
- «The dearly departed.»
- De geliefde overledene.
- «The dearly departed.»
- onovergankelijk afwijken, afdwalen
- «He departed from the usual treatment.»
- Hij week af van gewoonlijke behadeling.
- «He departed from the usual treatment.»
- overgankelijk verlaten, weggaan uit
- [1], [4] leave