dennenappel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

dennenappel
Uitspraak
Woordafbreking
  • den·nen·ap·pel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dennenappel dennenappels
dennenappelen
verkleinwoord dennenappeltje dennenappeltjes

Zelfstandig naamwoord

dennenappel m

  1. houtige vrouwelijke vrucht met schubben van dennenbomen
    • Een dennenappel kan dienst doen als primitieve hygrometer. Bij vochtig weer sluiten de schubben. Bij droog weer openen ze, zodat de zaden zich kunnen verplaatsen (door middel van de wind). 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
92 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be