daartegen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • daar·te·gen
Woordherkomst en -opbouw
  vnw. bijw.
  voorzetselbijwoord     tegen  
 persoonlijk     ertegen  
aanwijz.   nabij     hiertegen  
  veraf     daartegen  
  vragend/betrekk.     waartegen  

Voornaamwoordelijk bijwoord

(scheidbaar)
daartegen

  1. veraf: tegen+dat, tegen+die:
    • Daar is gelukkig een goede remedie tegen. 
Uitdrukkingen en gezegden
  • Daar is geen kruid tegen gewassen
Daar is geen genezing voor mogelijk, daar kun je geen invloed op hebben.

Gangbaarheid

86 % van de Nederlanders;
82 % van de Vlamingen.