désormais

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Frans

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

désormais

  1. voortaan
    «Désormais, le magasin ouvre le dimanche matin.»
    Voortaan opent de winkel zondagochtend.
Synoniemen