cyberactiviteit
Uiterlijk
- Geluid: cyberactiviteit (hulp, bestand)
- IPA: / ˈsɑjbərˌɑktiviˌtɛit / (6 lettergrepen)
- cy·ber·ac·ti·vi·teit
- afleiding van activiteit met het voorvoegsel cyber-
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | cyberactiviteit | cyberactiviteiten |
| verkleinwoord |
de cyberactiviteit v
- (internet) bedrijvigheid via het internet (meestal gebruikt voor ongewenste bezigheden)
- ▸ De NAVO laat in een reactie tegenover persbureau Reuters weten dat het "iedere dag kwaadaardige cyberactiviteit waarneemt".[1]
- ▸ Maar wat is dan het nut van dit soort wethandhavingsacties? „De druk opvoeren op tot nu toe onwillige providers en landen om meer te gaan doen aan de bestrijding van de cyberactiviteit van IS”, aldus de politie-woordvoerder. „Er zijn te veel bedrijven die ongestoord geld verdienen aan het ruimte bieden aan criminele organisaties voor activiteiten op internet. Niet voor niets meldde Europol onlangs openlijk namen van providers die hierbij betrokken waren.”[2]
- Het woord 'cyberactiviteit' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
- ↑
Weblink bron “Russische hackgroep zou phishingaanvallen hebben uitgevoerd op de NAVO” (31 maart 2022) op nu.nl 
- ↑
Weblink bron Kees Versteegh“Europol voorbarig: IS heeft weinig last van aanval op cyberstructuur” (2 mei 2018) op nrc.nl
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 15
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 6 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Voorvoegsel cyber- in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Internettaal in het Nederlands
- Niet in Woordenlijst Nederlandse Taal