custard

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • cus·tard
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘poeder voor pudding’ voor het eerst aangetroffen in 1847 [1]
  • [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord custard -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

custard v / m [3]

  1. (voeding) soort Engelse vla, gebonden door eidooiers of ook door eieren (oeufs au Karamel) of custardpoeder of eidooiers en zetmeel
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

93 % van de Nederlanders;
54 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen