currysaus

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

vlees in currysaus
Uitspraak
Woordafbreking
  • cur·ry·saus
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord currysaus currysausen
currysauzen
verkleinwoord currysausje currysausjes

Zelfstandig naamwoord

currysaus v/m

  1. een sterk gekruide saus uit de Indiase keuken
    • Aldi kondigt de ’frikandellenvlaai’ aan in de folder. De creatie is gemaakt van ’brooddeeg en onze eigen Snack Fan frikandellen’ en currysaus. Acht mensen kunnen ervan smikkelen. „Tip: warm nog even op in de oven.”[1] 
    • Emma Sloan had satésaus aangezien voor currysaus in een Chinees restaurant in Dublin. Het meisje had een pinda-allergie en kreeg een hevige allergische aanval.[2] 
Synoniemen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen